Skip to main content

Pickleball basics

Pickleball is sinds 2020 de snelstgroeiende racketsport ter wereld. Een kleinere baan dan tennis (6,1 x 13,4 meter), een holle plastic bal, peddels in plaats van rackets, en een aantal regels die het spel uniek maken. De leercurve is bewust laag — de meeste mensen rallien binnen 1-2 sessies. Dat maakt pickleball ideaal voor sociale clubavonden en intergenerationeel spel.

De vier regels die je moet kennen: de kitchen (non-volley zone) van 2,1 meter aan beide kanten van het net waar je niet mag volleren, de twee-bounce regel (serve en return moeten allebei stuiteren voordat er gevolleyd mag worden), de onderhandse serve onder tailleniveau, en sideout-scoring tot 11 punten met 2 verschil. Samen dwingen ze het spel af van rauwe smashes naar tactisch dink-spel — de zachte boogjes in de kitchen die punten winnen via tegenstander-fouten.

De belangrijkste slagen: de dink (zachte boog in de kitchen), de derde-slag drop (zachte boog vanaf de baseline die het serverende team naar het net brengt), de drive (harde rechte slag), en de smash (vanuit boven). Beheers de dink en de derde-slag drop en je tilt van DUPR 3.0 naar 4.0. Rating wordt internationaal uitgedrukt op de DUPR-schaal (2.0 = beginner, 8.0 = profniveau).

Voor clubs is pickleball een logische uitbreiding: 4 pickleball-banen passen op 1 tennisbaan met overlap-belijning, peddels en netten zijn betaalbaar (vanaf ~€50/peddel, ~€200/portable net), en de doelgroep is breed (vaak 50+, maar groeit ook onder jongeren). Wereldwijd is pickleball-deelname in 3 jaar met meer dan 250% gegroeid in de VS.

pickleball

Verwante onderwerpen