Tennis basics
Tennis is de oudste, breedste, en meest verankerde van de drie racketsporten die Rallyo ondersteunt. Voor wie net begint of na een lange pauze terug instapt, zijn er een paar fundamenten die het verschil maken tussen begrijpen-wat-je-doet en eindeloos verwarring op de baan: de scoring, het verschil tussen enkel en dubbel, de serveer-regels, en het effect van de ondergrond.
Scoring werkt in opeenvolgende lagen: punten (0-15-30-40), games, sets, en de match. Vanaf 40-40 (deuce) moet een team 2 punten op een rij winnen om de game te pakken. Bij 6-6 in de set volgt een tiebreak tot 7 punten. Sommige clubs gebruiken no-ad scoring (1 beslissend punt bij 40-40, vergelijkbaar met golden point in padel) om wedstrijden korter te houden — vooral handig op clubavonden.
De serve start elk punt. Twee kansen per punt, diagonaal de service-box van de tegenstander in, beide voeten achter de baseline. Foutslag-situaties die je moet kennen: foot fault (voet over baseline tijdens contact), let (serve raakt net maar valt in box — overspelen), double fault (2x mis = punt voor de ontvanger). Een ace = serve die de ontvanger niet aanraakt = direct punt.
Enkelspel speelt op de smalle baan (8,23 m breed), dubbelspel op de brede (10,97 m). Tactisch totaal anders: singles is conditie en placement, doubles is positie-spel en partner-coordinatie. KNLTB houdt aparte ratings voor singles en doubles — de ratings kunnen flink verschillen. Tot slot de ondergrond: gravel (langzaam, hoge stuit), hardcourt (consistent, all-rounders), kunstgras (gravel-achtig maar laag onderhoud) en gras (snelste, zeldzaam in NL).
Termen (4)
Deuce en voordeel
Deuce is 40-40 in tennis. Vanaf deuce moet een team 2 punten op een rij winnen om de game te pakken: eerst voordeel, dan game.
Enkelspel vs dubbelspel
Enkelspel: 1-tegen-1. Dubbelspel: 2-tegen-2. Verschillen in baangrootte, tactiek, en fysieke belasting.
Tennis serveer-regels
Tennis-serve: van achter de baseline, 2 kansen per punt, cross-court in de service-box. Foot-fault, let en double fault zijn de standaard situaties.
Tennis-ondergronden
Tennis kent vier hoofdtypen baan: gravel (rood), hardcourt, gras en kunstgras. Elk type beinvloedt snelheid, stuit en speelstijl.